Hondenschool voor alle rassen TeamSpirit

Kijken, plonsen of zwemmen

Wist je dat zwemmen goed is voor je hond ?

 

Het remt artrose of gewrichtsslijtage.

Tijdens het zwemmen bewegen de gewrichten zonder zwaar belast te worden.

Het niet belasten van de poten vermindert de druk op de gewrichten.

Het is goed voor de algemene conditie en een goede oefening voor honden

met overgewicht.

 

Zwemmen kost veel energie. Elke minuut zwemmen staat ongeveer gelijk aan 1 km lopen !

Ook honden kunnen moe worden of kramp krijgen. Houd ze goed in de gaten en stop het zwemfestijn op tijd.

Sommige honden kunnen of mogen niet zwemmen, maar bijna alle honden kunnen van nature zwemmen. Sommige rassen zijn niet geschikt om te zwemmen en andere kunnen niet.

  • honden met een korte snuit – korte poten – zwaar lijf;
  • honden die last krijgen van diarree met of zonder braken of last krijgen van de oren;
  • honden jonger dan 6 maanden;
  • zieke honden;
  • honden met hart- en longklachten;
  • honden met epilepsie;
  • honden met een slechte conditie;
  • na een operatie (niet binnen de 1 – 12 weken, bespreek met je dierenarts).

 

Forceer geen pups of oudere honden.

 

Gooi je hond NOOIT zomaar in het water. Dit veroorzaakt vooral paniek bij je hond !

Spartelen of verzuipen…. Net zoals de mens !!! In enkele seconden tijd heb je zelf gezorgd dat je hond waterangst heeft !! Zwemmen is met zijn 4 poten…. Net zoals wij, met armen en benen !

 

Water risico’s

 

Denk niet altijd mijn hond redt zich wel. In sommige situaties kan

je hond zichzelf niet redden, met verdrinkingsdood als gevolg!

Zelfs de beste zwemmers kunnen in moeilijkheden geraken.

 

Voor je hond het water ingaat let op volgende factoren:

  • jonge en onervaren honden;
  • oudere honden (slecht te been of slechtziend);
  • kan je hond zelfstandig uit het water : drassige oever, hoge kade,

geleidelijke aflopende oever;

  • snelstromend water;
  • jachthonden (najagen van watervogels);
  • onderkoeling;
  • paniek;
  • oververmoeidheid;
  • onbekende omgeving (tijdens vakanties).

 

Andere risico’s:

  • besmet water (afval / kadavers);
  • vishaken;
  • parasieten;
  • gif (ongediertebestrijding / lozingen);
  • Watervergiftiging: meer wateropname dan lichaam kan verwerken.

Kenmerken : heftig braken, heftig speekselen, verwijde pupillen, opgezette buik, bleke slijmvliezen, wankele gang – zwakte – sloomheid).

  • Zoutvergiftiging : teveel zout water binnen krijgen

Geef kleine beetjes drinkwater, afspoelen met gewoon water, droog je hond goed af = tegen het likken van de vacht, wil je hond terug in zout water leg hem aan de leiband.

 

Bij al deze gevallen is een dierenarts bezoek gewenst.

 

Ga preventief te werk:

  • doe een borsttuig met handvat aan voor noodsituaties;
  • teveel najagen : Laat je jachthond aangelijnd zwemmen;
  • leer je hond enkel met toestemming het water in te gaan;
  • een zwemvest (voorkomt verdrinking);
  • watergewenning;
  • leer je hond zwemmen.

 

Mijn hond leren zwemmen

  • Zorg dat je hond al zijn inentingen heeft gekregen;
  • Kies een rustig aflopende kant en zanderige bodem (zorg dat je hond

de grond kan voelen);

  • Doe een borsttuig met handvat of zwemvest aan;
  • Lange lijn aan het borsttuig;
  • Start de zwemoefening in aangenaam buiten- en watertemperatuur;
  • Ga zelf mee in het water;
  • Laat de eerste keer je hond rustig ontdekken vanaf de waterkant

(pootje baden);

  • Blijf rustig en leg geen druk om het water in te gaan;
  • Werp eventueel een speeltje of stok in het water (niet te ver) of neem een andere ervaren hond mee;
  • Houdt de oefening kort (zoals alle andere oefeningen);
  • Wissel af met wandeling of spel (zoals alle andere oefeningen);
  • Eens je hond ontspannen in het water, moedig hem/haar aan om naar je toe te komen (niet diep);
  • Je hond blijft vanzelf in horizontale positie met zwemvest.

Draagt je hond geen zwemvest, help je hond horizontaal te blijven : leg je hand onder zijn borst of buik als ondersteuning staart in het water. Blijf rustig.

 

Zwemt je hond zelfstandig, haal je hand rustig weg (kop boven het water, zwemmen is met 4 poten, zijn achterpoten moeten krachtige voortstuwende bewegingen maken/ NIET spartelen met zijn voorpoten = paniek).

Voorzichtig opbouwen naar dieper water.

 

Zwemregel voor alle leeftijden

Je hond niet langer dan 5 minuten laten zwemmen, zorg voor een rustpauze om daarna eventueel terug 5 minuten zwemplezier toe te laten.

Droog je hond goed af.

 

Wanneer en waar je hond niet laten zwemmen

  • Erg koud water (spieren verkrampen, hartfalen)
  • De zee te ruw is
  • Je hond ziek is of slechte conditie heeft
  • In sloten/poelen (bacteriën)
  • Geen vissers in de buurt
  • Water met algengroei (vooral einde zomer)
  • Jeuk door zout water

 

Meer info, vraag raad aan je dierenarts.

 

 

 

 

Klik op het hondje om terug te gaan